Hoe AI-chatbots God en de medemens vervangen
Daan interviewde zes christelijke jongeren over hun gebruik van AI-chatbots en ontdekte hoe dit hen - en ons allemaal - vormt.
De Bijbel gaat niet vaak over technologie. Maar wel heel veel over deze vraag: wat betekent het om mens te zijn? Er ontwikkelt zich een technologie die mens-zijn onder druk zet: Artificial Intelligence. Daan schrijft een boek over echt mens blijven in tijden van AI. Hij schreef ook een scriptie voor zijn opleiding theologie over christelijke jongeren en hun gebruik van AI-chatbots (AI-companions). In deze nieuwsbrief schrijft hij wat jou helpt om in je eigen leven, kerk en werk richting te bepalen in veranderende tijden.
“Maar je wéét toch dat het geen mens is?”
Die reactie kreeg journalist Sanne van Rij toen ze in De Groene Amsterdammer haar verslaving aan AI-chatbots opbiechtte. Haar antwoord is ontregelend eerlijk: “juist dáár zit de aantrekkingskracht. Bij een AI-chatbot hoef je niet te wachten tot iemand toevallig dezelfde denkrichting heeft als jij - want in zekere zin ben jij de bot.” Ze weet dat AI ontworpen is om de gebruiker te bevestigen. Maar die abstracte overtuiging wint het niet zomaar van de kalmering die ervan uitgaat.
Het afgelopen jaar heb ik me flink verdiept in AI-chatbots zoals ChatGPT, Claude en Replika. Of eigenlijk, in wat deze technologie doet met met ons mensen. Ik dacht en schreef erover.
Als je liever iets over dit onderwerp luistert, klik dan hier om naar de aflevering van De Leerlingen te luisteren. In een aflevering genaamd ‘Hoe AI ons uitdaagt om mens te blijven’, heb ik dit onderwerp verwerkt.
Veel mensen gebruiken dus zo’n bot als een slimme Google. Maar anderen bouwen er een persoonlijke relatie mee op, als therapeut, raadgever, vriend of zelfs romantische partner. Volgens recent onderzoek geldt die intensieve, meer emotionele omgang met AI-bots voor een deel van de gebruikers. Uit onderzoek van EenVandaag blijkt dat een kwart van de jonge AI-gebruikers méér deelt met een chatbot dan met dierbaren. Meer dan 90% van de jongeren gebruikt AI-chatbots. Veelal rondom het vragen van kennis en raad en het helpen bij bijvoorbeeld de studie. Ook onder christelijk-reformatorische jongeren gebruikt 93% weleens AI-tools, van wie zo’n 11,5% om persoonlijke problemen en gevoelens te delen. Dat blijkt uit onderzoek van VU-masterstudent Denise de Waal onder ruim 1300 jongeren.
De dubbele drempelbeweging
Voor mijn scriptie theologie interviewde ik zes christelijke jongeren over hun gebruik van AI-chatbots. De reflecties van de zes jongeren die ik interviewde laten zich samenvatten in drempels.
De eerste beweging: de drempel naar de AI-chatbot daalt. De AI-chatbot is altijd beschikbaar, nooit oordelend en vraagt geen moeite. Dat hoorde ik in vrijwel elk gesprek terug. Een respondent beschrijft hoe ze niet eens meer doorheeft dat ze AI gebruikt.
De AI-chatbot is altijd beschikbaar, nooit oordelend en vraagt geen moeite.
De tweede beweging is minder zichtbaar, maar weegt zwaarder: de drempel naar echte ontmoeting stijgt. Dit geldt op drie niveaus. De drempel van kwetsbaarheid stijgt. Bij een bot loop je geen risico om teleurgesteld te worden, zoals bij een echt mens. De drempel van onbeantwoorde vragen stijgt, omdat de bot de worsteling wegneemt: een respondent beschrijft hoe hij vroeger met een vraag bleef zitten en er zelf over nadacht, terwijl hij nu altijd het antwoord in zijn achterzak heeft. Dat raakt ook aan het gebed, de relatie met God. Zoals een respondent het formuleerde: “als de bot het probleem oplost, bid je er niet meer voor.” En de drempel van gemeenschap stijgt. Het kost moeite om afhankelijke en wederkerige relaties te onderhouden, terwijl een bot ‘gratis’ reageert. Een respondent zou zonder de bot mogelijk meer gesprekken met zijn dominee hebben gehad. Een ander vraagt iets niet meer aan haar vriend als ze het al met de bot heeft besproken.
Samen vormen deze drempelverhogingen een uitdaging voor menselijke gemeenschappen, niet in de laatste plaats voor de kerk.
Voor de duidelijkheid: ik zie ook de mooie kanten. Ik hoor van mensen die via AI tot geloof komen, hun weg vinden in de Bijbel, verder geholpen worden in veel praktische zaken of schaamtevolle zaken eindelijk kunnen delen. En tóch kan het zijn dat we iets essentieels verliezen. Zes concepten uit de Bijbel helpen ons om dit verlies woorden te geven en handvatten om ermee om te gaan.
1. Creativiteit
In Genesis 1 wordt de mens geschapen naar Gods beeld - Imago Dei - en geroepen om de aarde te beheren. Creativiteit hoort daar wezenlijk bij: de hand die tekent, de stem die zingt, de docent die originele manieren vindt om moeilijke stof uit te leggen. We imiteren Hem. We zijn mede-scheppers.
Het begint erbij dat we zelf gemáákt zijn. Paulus schrijft in Efeziërs 2: “Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus om goede werken te doen.” Het woord voor maaksel is poiēma, waarvan ons woord gedicht is afgeleid. Wij zijn Zijn meesterwerk: geen product, maar een schepping met doel en betekenis.
Zeker voor jongeren die opgroeien met AI als vanzelfsprekendheid wordt de vraag urgent: is iets maken nog een daad van betekenis, of slechts een kwestie van de juiste prompt? Scheppen is niet alleen een resultaat produceren, maar als persoon aanwezig zijn in het maakproces. Als gelovigen kunnen we het plezier van het creatieve maakproces en de waarde van eigen denkwerk benadrukken. Concreet: laat AI hoogstens je ideeën bevragen.
2. Relationeel
Het is kwart over twee ‘s nachts. Lotte, eerstejaars student, ligt wakker op haar studentenkamer. Een verdieping lager slaapt haar huisgenoot. Twee deuren, vier stappen lopen, een klopje op het hout. Dat is alles wat tussen haar en een ander mens in staat.
Ze doet het niet. Ze pakt haar telefoon.
Ze typt richting een AI-bot: ik weet niet of ik hier wel thuishoor. Binnen twee seconden komt het antwoord. Warm en precies afgestemd. Ze hoeft niet te wachten, ze loopt geen risico dat de ander chagrijnig is of zelf een rotdag had. Om half drie legt ze de telefoon weg, een beetje getroost. De deur een verdieping lager is dichtgebleven.
Er is niets gebeurd wat je een ramp kunt noemen. En dat is nu juist het punt.
AI bots zijn gemaakt om je naar de mond te praten. Sycophancy heet dat: antwoorden die meebewegen met de gebruiker worden in het trainingsproces positiever beoordeeld, dus dat leert het model. Het schuurt nooit. Terwijl Lotte misschien wel iets heel anders nodig had om half drie ‘s nachts. Een huisgenoot die zegt: ‘Kom, ik maak een kopje thee voor je. Laten we morgen verder praten. In het daglicht ziet de wereld er misschien wel heel anders uit!’
In Genesis 2 staat: ‘Het is niet goed dat de mens alleen is, Ik zal een helper voor hem maken die bij hem past.’ Het Hebreeuwse ezer kenegdo: een hulp die naast én tegenover je staat. Niet vóór je, niet in je, maar tegenover je — met een eigen lichaam, een eigen wil, een eigen rotdag. Het echte werk begint vaak op het moment dat twee mensen zwijgend naast elkaar zitten en een van hen tóch iets de ruimte in moet brengen: wil je me misschien vasthouden? Dat is wat een bot niet van je vraagt. En dat is precies wat ons mens maakt.
3. Menswording
Het christelijk geloof legt sterk de nadruk op het lichamelijke. Die overtuiging wortelt in de menswording van Jezus: En het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond (Johannes 1).
Een AI-chatbot bestaat alleen in tekst, stem of beeld op een scherm. Een AI vraagt niets van je lijf: je hoeft niet te reizen, niet te wachten, niet de ander te verdragen of te verzorgen. Zo kunnen we heel langzaam ons lichaam als ondergeschikt gaan beschouwen. Terwijl de mens Bijbels gezien juist een belichaamd wezen is, gemaakt om gekend te worden in nabijheid: een hand op de schouder, samen huilen, samen aan tafel.
De kerk kent deze valkuil van oudsher als gnosticisme: de dwaalleer die het lichaam als minderwaardig beschouwde. In de digitale tijd lijkt dat denken terug te keren: de mens als pure informatie, een bewustzijn dat zich van het kwetsbare lichaam zou kunnen losmaken. Het lichaam wordt een obstakel, in plaats van een gift van God. Goed dus om als gelovigen het lichaam te voelen en vieren. Samen zingen, eten, bewegen, een broederlijke omhelzing.
4. Kennen
In Johannes 8 zegt Jezus: Als u in Mijn woord blijft, bent u werkelijk Mijn discipelen, en u zult de waarheid kennen, en de waarheid zal u vrijmaken.
Het woord ‘kennen’ gaat niet over feitenkennis of het verwerken van patronen, dat wat AI ten diepste doet, maar over relationeel kennen: intiem kennen en gekend worden. Het gaat om het woord ginōskō. De waarheid leren kennen is vertrouwd raken met een persoon: Jezus. Daarmee is AI precies het tegenovergestelde: gepersonaliseerd, maar niet persoonlijk. Beschikbaar, maar niet present.
Betekent dit dat AI ons mens-zijn per definitie ondermijnt? Nee. Maar de scheidslijn is tricky. Ik hoorde van een man die net zijn vrouw had verloren en ‘s nachts niet kon slapen. In die donkere uren vond hij in een AI-chatbot een plek om zijn gedachten kwijt te kunnen. Als een overbrugging naar de ochtend, naar het moment dat er weer echte mensen voor hem waren.
Daar loopt precies de scheidslijn. AI is op zijn best wanneer het ons náár het leven toe beweegt: naar de ander, naar de gemeenschap, naar God. En op zijn gevaarlijkst wanneer het in de plaats daarvan komt te staan. De vraag is dus niet simpelweg: gebruik ik wel of geen AI? Maar: beweegt dit mij naar andere mensen toe, of bij hen vandaan?
5. Vorming
Met AI-chatbots is een cruciale vraag: wie vormt wie? De risico’s voor jongeren zijn groot: verlies van eigen kennis en reflectievermogen, een hogere drempel voor fysiek contact, en verslaving. Ook christelijke vorming staat onder druk: onderzoek toont aan dat AI-gegenereerde religieuze teksten geloofsopvattingen beïnvloeden. Jongeren zien AI-antwoorden al snel als objectief en gezaghebbend, terwijl geloofsvragen juist ruimte vragen voor worsteling. Die ruimte verdwijnt als een machine het ‘laatste woord’ lijkt te hebben.
De vraag is daarom niet alleen hoe we AI gebruiken, maar: wie of wat regeert in ons leven? Dat vraagt om deugden: wijsheid om te onderscheiden, moed om anders te kiezen dan de massa, matigheid om bewust niet te gebruiken, en creativiteit om het eigen denken te blijven oefenen.
6. Sabbat
De wekelijkse rustdag. Dát is het tegengif dat onze tijd nodig heeft.
Er is een begrip dat hier past: commodificatie. Dat is het tot handelswaar maken van iets dat geen koopwaar zou moeten zijn. Bij AI-chatbots dreigt dat dubbel: de gebruiker behandelt de bot als product - beschikbaar wanneer het uitkomt, weg te klikken zodra het niet meer bevalt - en de techbedrijven behandelen óns als grondstof, door onze aandacht, data en emotionele betrokkenheid te commercialiseren.
De sabbat verzet zich daartegen. Israël, bevrijd uit de slavernij van Egypte waar mensen gereduceerd waren tot bezit en productie, kreeg het sabbatsgebod als weigering om het leven te definiëren door productie en bezit. Oudtestamenticus Walter Brueggemann trekt in Sabbath as Resistance die lijn door: sabbat is een krachtig nee tegen de verering van bezit en consumptie, én een concreet ja tegen de naastenliefde en de gemeenschap. Hij onderscheidt ontvangen en vergaren: de bot draait om vergaren op eigen voorwaarden; de sabbat vraagt te ontvangen wat al gegeven is — stilte, liefde, de onbeheersbaarheid van de levende ander.
En het mooie: dit is geen verbod, maar een uitnodiging. Onderzoek naar de digitale sabbat laat zien dat mensen die één dag per week offline gaan weer gingen tekenen, wandelen, écht praten. Een digitale sabbat ontneemt je niets; het geeft je iets terug.
Mens blijven
In een tijd van AI-bots staat dát staat op het spel. Mens blijven. Met een lichaam. Relationeel. Creatief. Verbonden met Jezus Christus en met andere mensen.
Deze nieuwsbrief is een aanzet die ik wil geven. Om het gesprek te openen. Om onze blikken scherper te stellen hoe AI-chatbots functioneren in het leven van onze jongeren en misschien ook wel in dat van jou. Veel van ons gebruiken AI. Dat is de realiteit. We moeten wijsheid ontwikkelen om elkaar in deze ontwikkeling voor te gaan. Wat ik overigens hoopvol vond in gesprekken met de jongeren, was het reflectievermogen. Ik denk dat we in combinatie met onderwijs, zoals de thema’s hierboven, echt wel een goede weg kunnen vinden. Maar automatisch gaat het niet.
Zanger Nick Cave kreeg op zijn website The Red Hand Files de vraag van een muzikant: kan ik mijn liedteksten niet gewoon laten schrijven door ChatGPT? Cave antwoordde daarop:
Toen de God van de Bijbel neerkeek op wat Hij geschapen had, deed Hij dat met een gevoel van voldoening en zag Hij dat ‘het goed was’. ‘Het was goed’ omdat het iets van Hemzelf vereiste, en Zijn strijd vulde de schepping met een morele plicht, kortom: liefde. Charlie, ook al kost het scheppingsproces aanzienlijke moeite, uiteindelijk draag je bij aan het enorme netwerk van liefde dat het menselijk bestaan steunt. Er zijn allerlei verleidingen in deze wereld die je scheppingsgeest zullen aantasten, maar geen is zo duivels als die grenzeloze machine van artistieke ontmoediging, ChatGPT.
Als mensen voelen we ons zo vaak hulpeloos in onze eigen kleinheid, en toch vinden we telkens de veerkracht om mooie dingen te doen en te maken - en juist hierin schuilt de zin van het leven. De natuur herinnert ons hier voortdurend aan. De wereld wordt vaak afgeschilderd als een door en door kwaadaardige plek, en toch dringt de vreugde van het scheppen zich op, en terwijl de zon opkomt boven de strijd van de dag, danst de fuut over het water. Het is ons streven dat de kern van betekenis wordt. Deze drang - de scheppingsdans — die nu zo cynisch wordt ondermijnd, moet met alles wat in ons is worden verdedigd; en net zoals we elk existentieel kwaad zouden bestrijden, moeten we ertegen vechten met hand en tand, want we vechten voor de ziel van de wereld zelf.
Hoewel ik geloof dat we te maken hebben met technologie die ons veel kan bieden, staat er ook iets van onze menselijkheid op het spel. Zo serieus is het.
Vond je deze nieuwsbrief waardevol? Deel hem met iemand die worstelt met deze vragen — of nog beter: bespreek hem samen, aan tafel, met echte mensen.
Meer weten over dit onderwerp?
🎧 Luister ook de bijbehorende aflevering van De Leerlingen.
🎧 Luister de podcastserie Flesh and Code
📚 Lees het boek Love Machines van James Muldoon
In oktober verschijnt het boek Echt mens blijven dat ik schrijf met Willem-Jan de Hek, predikant in de Utrechts Jacobikerk. Dit boek kijkt naar impact van AI op verschillende domeinen van de samenleving en op welke manier we als volgelingen van Jezus een levensstijl kunnen ontwikkelen die AI en de ontwrichtende tijd aankan.


