De Bijbelse man bestaat (en dat is maar beter ook)
"Als mannen niet meer weten en leren wat verantwoordelijkheid nemen is, dan verliezen we, als we niet opletten, iets kostbaars."
Het was vrijdagavond. Zo’n anderhalf jaar geleden. Ik (Daan) zat in het café met een vriend.
De telefoon ging. M’n vader belde. Toch even opnemen. Hij vroeg hoe het ging thuis. M’n vrouw was namelijk een periode ziek op dat moment. In overleg hadden we besloten dat ik die avond een biertje kon gaan drinken.
M’n vader ging echter meteen door naar de kern: ben je er wel voor je vrouw? Jij bent het hoofd van je gezin, jij moet er nu voor haar zijn.
Zo, dat was ongemakkelijk.
Maar ik had het nodig. Ik heb het nodig om dit te horen.
Dit essay gaat over mannen. We zien bij hen het verlangen naar een bepaalde radicaliteit. Dat er een appèl op hen gedaan wordt. Ik geloof dat de kerk die kan en moet (blijven) bieden. Maar het moet wel een radicaliteit zijn die niet geënt is op beelden van onze cultuur, zowel conservatief als progressief.
Die radicaliteit gaat om het leren nemen van verantwoordelijkheid voor het tot bloei komen van je partner, je gezin, de kerk en de gemeenschap. Als we mannen daartoe niet uitdagen of ze voelen geen ruimte, dan tunen ze uit of gaan ze hun kracht op plekken uitdagen waar ze wel uitgedaagd worden, zoals het halen van targets op hun werk. Daar zijn mannen én vrouwen niet bij gebaat. In deze serie over vrouwen, gaat deze editie daarom over mannen.
Gebrek aan een doel
Veel mannen weten niet meer wat het is om verantwoordelijkheid te nemen. Dat zegt Wouter de Vos van 4M Nederland. Voor een aflevering van De Leerlingen (die maandag verschijnt) over wat het betekent om man of vrouw te zijn, sprak ik hem en zijn vrouw Nadine (van vrouwenbeweging Arise) deze week.
Als mannen dat niet meer weten verliezen we, als we niet opletten, iets kostbaars. Wouter heeft in de loop der jaren duizenden mannen ontmoet via bijvoorbeeld 4M karakterweekenden, dus ik ga ervan uit dat hij een aardige indruk heeft gevormd.
Voor mannen, zegt hij, is het een identiteitszaak om verantwoordelijk te dragen. De hele manier waarop ze in elkaar zitten, de werking van testosteron in hun lijf, zorgt ervoor dat mannen iets voor elkaar willen krijgen. Ze willen het gevoel hebben van betekenis te zijn. Haal verantwoordelijkheid voor zichzelf, het gezin en het geloofsleven weg, zegt Wouter, dan gaat hij doelloos rondzwerven. Dan probeert hij zijn grip te vinden in van alles en nog wat. Bijvoorbeeld in hard werken, het vooruitzicht van een nieuwe auto of vaker op vakantie kunnen. Dan wordt dát hun doel.
Het hoogste doel in onze cultuur is: ontplooi jezelf. Wees vrij. Dit staat tegenover: beteken iets voor de gemeenschap, samenleving en het koninkrijk van God. Daarnaast, zegt Wouter, worden mannen in veel gezinnen te weinig erkend in hun eigen kracht. In het gezinsleven is het moeilijk om doelen te stellen. En wanneer is het goed genoeg? En de vraag: kan ik ik het ooit goed genoeg doen? Ik herken deze vragen zelf ook.
Bewegingen als 4M, maar het kan iets zijn van de hele kerk, wijzen mannen op hun identiteit als man en hun taak, ook richting jongeren en nieuwkomers. Wouter kleurt dat zo in: je verantwoordelijkheid als man is het creëren van een bedding waarin je vrouw, je kinderen (als je vrouw en kinderen hebt) en je hele omgeving tot bloei komt. Heeft ze dat nodig? Ja en nee. Vrouwen hebben natuurlijk ook zelf veel te brengen en dragen verantwoordelijkheid. Maar Wouter daagt specifiek mannen uit: wat kan jij daarin doen? Denk daar over na. En als je kinderen hebt: hoe kan ik in de opvoeding, vanuit mijn kracht en rol, aanwezig zijn thuis. De kerk heeft daarin een belangrijke rol volgens Wouter:
Voor de aflevering van De Leerlingen sprak ik met twee twintigers over hun beeld van man en vrouw zijn. Ook met Anouk. Ze zegt - en dat klinkt ook logisch - geen betekenis te zien in ‘onderwerping’, maar als de man steps up his game ze hem wel de rol van ‘hoofd’ zou willen geven.
Eerste verantwoordelijke
Ik geloof dat de Bijbel ons een complementair beeld (zie kader verderop in essay over wat dat betekent) aanreikt als het gaat om mannen en vrouwen. Hierin hebben we als Verspieders mooie gesprekken. Nelleke heeft over deze onderwerpen een theologisch meer egalitaire opvatting, getuige ook haar mooie essay van vorige week. Ik heb hier dus een wat andere blik op en we vonden het verrijkend om dat te delen, ook al schuren de perspectieven in zekere zin.
En dan nog dit: zoals je misschien in het eerste gedeelte van dit essay hebt kunt lezen, heb ik een vader die me scherp houdt. Ik heb een daardoor positief beeld van de complementarie visie. Tegelijk hoor ik genoeg verhalen van mensen die ervaringen hebben een type man die dominant, autoritair of andere slechte eigenschappen heeft. Daardoor hebben ze helemaal geen trek in deze thematiek.
Laatste in een drieluik
Dit is het laatste deel van een drieluik over vrouwelijkheid in onze cultuur. Nelleke schreef vorige week over de Bijbelse vrouw en Henk-Jan schreef als kick-off dit essay:
Goed, de materie in. Als we teruggaan naar het begin van Genesis zien we daar een aantal dingen. Ten eerste: man en vrouw zijn gelijkwaardig. Mannen en vrouwen zijn beiden gemaakt naar het beeld van God. Ten tweede: mannen en vrouwen werden samen gezegend en beide ontvingen dezelfde opdracht: Wees vruchtbaar en word talrijk, bevolk de aarde en breng haar onder je gezag: heers over de vissen van de zee, over de vogels van de hemel en over alle dieren die op de aarde rondkruipen.’ En, ten derde, zoals later zou blijken in Genesis 3, werden beiden uit het paradijs gezet door ongehoorzaamheid en misbruik van vrijheid.
Die gelijkwaardigheid waar we net over hoorden, zou de apostel Paulus later in het Nieuwe Testament, na Jezus, radicaal bevestigen in Galaten 3. Je waarde en betekenis, zo zegt hij, zijn niet te vinden in je sekse. Of je huidskleur en afkomst. Of je maatschappelijke status. Als je gedoopt bent en daardoor met Jezus Christus één bent geworden, dan telt vooral de eenheid met Christus. Je diepste identiteit is dan zijn liefde en genade.
Echter, dat beeld van God wordt door man en vrouw sámen gevormd. Christopher West schrijft erover in zijn boek Theology of the Body - theologie van het lichaam - gebaseerd op het katholieke denken. Hij zegt:
Seksueel verschil komt in vele vormen van leven voor, op de lange ladder van levende wezens. Maar alleen bij man en vrouw draagt het in zich het beeld en de gelijkenis van God. Dit laat zien dat niet alleen de man op zich het beeld van God is, niet alleen de vrouw op zich het beeld van God is, maar ook man en vrouw, als paar, het beeld van God zijn.
En hij zegt ook dit:
God is op geen enkele wijze naar het beeld van de mens. Hij is noch man, noch vrouw. God is puur geest, waarin geen plaats is voor het verschil tussen de seksen. Maar de respectievelijke ‘volkomenheden’ van man en vrouw weerspiegelen iets van de oneindige volmaaktheid van God.
Deze katholieke auteur stelt dus dat juist in het complementaire het beeld van God tot uitdrukking komt.
In Genesis 2 wordt het scheppen van God op een andere manier beschreven. Hij maakte de mens en plaatste deze in de Tuin van Eden met een opdracht en een verbod. Omdat Hij uit de levende wezens geen passende metgezel vond, schiep Hij die. De vrouw. Het is een hulp en tegenover voor de man. Ezer Kenegdo in het Hebreeuws. Ezer betekent hulp of helper. Dit is niet zomaar het woord van een knecht. Het wordt in de psalmen, bijvoorbeeld in psalm 121 en psalm 124 gebruikt voor God zelf. Het is geen zwak woord. Er staat geen: hulpje. Het is een woord van kracht en redding. Je zou kunnen zeggen: mannen hebben vrouwen nodig.
Kenegdo, dat tweede woord, betekent letterlijk ‘zoals tegenover hem’. Iemand die tegenover de man, zichtbaar, staat. Het voorvoegsel ke betekent: van gelijke aard, overeenkomstig. De dieren waren van een andere orde, de vrouw van dezelfde orde. neged betekent tegenover. De vrouw staat tegenover de mens, ze is anders. Juist onderscheid maakt echte relatie mogelijk. Dat tegenover heeft ook de klank van tegenstaan, weerstand bieden. De vrouw is niet iemand die klakkeloos achter de man aanloopt. Ze staat tegenover hem - als zijn tegenwicht, zijn gesprekspartner, degene die hem aankijkt en aanspreekt.
Onder de streep is dit hoe de vrouw zich tot de man verhoudt: een gelijkwaardige tegenhanger die aan hem gewaagd is.
Complementair vs egalitair
Complementairen geloven dat man en vrouw gelijkwaardig zijn in waarde en waardigheid, maar verschillend in roeping. Dit gaat vooral over de rol in het gezin en in ambten in de kerk. Zij lezen dit als patroon dat voor de zondeval is ingesteld en ook in het Nieuwe Testament wordt bevestigd.
Egalitairen geloven dat man en vrouw gelijkwaardig zijn in waarde én in roeping. Leiderschapsposities in gezin en kerk staan open voor zowel mannen als vrouwen. Teksten die lijken te wijzen op een hiërarchie worden gelezen als cultureel bepaald of als gevolg van de zondeval, niet als blijvende scheppingsorde.
Beide posities belijden de gelijkwaardigheid van man en vrouw als beelddragers van God. Het verschil zit niet in de vraag of vrouwen minderwaardig zijn, maar in de vraag of roeping en verantwoordelijkheid afhankelijk zijn van de sekse.
Genesis tekent twee verschillende accenten in de roeping van man en vrouw. De man lijkt een bijzondere verbinding te hebben met werk. Hij wordt als eerste in de tuin geplaatst om deze te bewerken en te bewaken. Dat zijn twee werkwoorden die verantwoordelijkheid en inzet vragen.
De vrouw heeft een bijzonder accent richting leven en gemeenschap. Dat zie je al in haar naam. Eva, zoals Adam haar later noemt, komt van het Hebreeuwse chawwa, dat leven betekent. Levende. Levengevende. Moeder van alle levenden. In haar naam ligt een roeping besloten: zij is de bron waaruit het leven verder stroomt.
Beide zijn geroepen om voor de aarde te zorgen, erover te heersen en vruchtbaar te zijn. Dat zijn gedeelde opdrachten, geen specifiek mannelijke of vrouwelijke. Maar binnen die gedeelde roeping lijkt de man geroepen om het voortouw te nemen. Niet als heerser over de vrouw, maar als eerste verantwoordelijke voor wat God hem heeft toevertrouwd.
In dat licht betekent leiden absoluut niet domineren en jezelf belangrijk vinden. Het is beetje zoals bij dansen. Iemand heeft daarin de leiding. De bereidheid van beiden om de pasjes te doen van de choreografie geeft vrijheid, maar iemand moet wel de leiding hebben. Die leidende rol van de man, wordt bevestigd in het Nieuwe Testament. In Efeziërs 5 verbindt Paulus man en vrouw aan Jezus Christus en de kerk, aan zijn leidende, maar vooral ook dienende houding.
En belangrijk om te vermelden: dit gaat vooral over het christelijke huwelijk. We kunnen deze ideeën niet plotten op willekeurige mannen en vrouwen.
Binnen die relatie tussen man en vrouw, lees ik dat de man de taak van initiatiefnemer draagt, omdat het man-zijn verbonden wordt aan Jezus Christus. De vrouw is beeld voor de kerk, de gemeente. Het spreekt vanzelf dat Jezus het initiatief heeft in de gemeente in de hemelse dans. Je kunt zeggen: dit is alleen maar beeldspraak. Maar beeldspraak in de Bijbel is nooit alleen maar beeldspraak. Beelden in de Schrift dragen een diepe werkelijkheid in zich. Als Paulus de man verbindt aan Christus en de vrouw aan de gemeente, dan zegt hij iets over hoe God de verhouding tussen man en vrouw heeft bedoeld - niet toevallig, niet cultureel bepaald, maar geworteld in de diepste werkelijkheid die er is: de relatie tussen Christus en zijn kerk. In 1 Korintiërs 11:3 wordt dat bevestigd, luister maar:
Het hoofd van de vrouw is de man, het hoofd van de man is Christus, het hoofd van Christus is God
Het gaat hier om geordende verantwoordelijkheidsstructuur, geen rangorde in waardigheid.
Duiken voor verantwoordelijkheid
Dat de man kan duiken voor zijn verantwoordelijkheid, zien we al helemaal aan het begin van Genesis, op het moment dat het misgaat voor de mens. Eva wordt verleidt door de slang om tegen God te kiezen. Maar we lezen ook: Adam stond ernaast. Hij greep niet in. Hij luisterde naar Eva en at ook van de vrucht.
Toen zocht God de mens op. En wat doet hij? Hij roept Adam. Mens, waar ben je? Adam wordt eerst verantwoordelijk gehouden. God zegt: “Omdat u geluisterd hebt naar de stem van uw vrouw...”
Het is spannend om dit toe te passen op elke man in iedere tijd. De vrouw wordt in datzelfde hoofdstuk ook aangesproken op haar verantwoordelijkheid. Toch zie ik hierin - in dit als eerste aangesproken worden - een Bijbels patroon dat ik toepas op de de man. Die lijn vindt haar diepste vervulling in Jezus Christus. Waar Adam de verantwoordelijkheid ontweek, liet Jezus de beker niet langs hem voorbijgaan. In hem komt verantwoordelijk tot z’n volheid: dienen en voorgaan in liefde.
En singles dan?
Mannelijke verantwoordelijkheid wordt in veel christelijke contexten bijna uitsluitend gekoppeld aan het huwelijk en het vaderschap. Het gevolg is dat single mannen zich ofwel niet aangesproken voelen, ofwel het gevoel hebben dat ze in een soort wachtkamer zitten. Nog niet echt de man die ze zouden moeten zijn. Dat is een misvatting.
Paulus schrijft in 1 Korintiërs 7: een ongetrouwde man draagt zorg voor de zaak van de Heer en wil de Heer behagen. Dat is geen troostprijs voor wie nog geen vrouw heeft gevonden. Het is een roeping met eigen gewicht.
Die roeping vraagt al iets nu. Wie zichzelf niet kan leiden, kan een ander niet leiden. De discipline van het single leven, de financiën, de tijd, het lichaam, het geestelijk leven, de vriendschappen, is geen voorbereiding op het echte leven. Het ís het echte leven. Een man die nu niet leert leven met integriteit, zal dat in het huwelijk ook niet doen.
Dat geldt ook voor hoe een man omgaat met vrouwen. Hoe hij spreekt over hen, hoe hij zijn intenties communiceert, hoe hij hun hart behandelt, dat zegt alles over wat voor man hij al is.
De single jaren zijn de jaren waarin karakter wordt gevormd. Een man kan die tijd vullen met passiviteit, escapisme en uitstelgedrag. Of hij kan zijn gaven leren inzetten voor de gemeenschap, voor de kerk, voor mensen om hem heen. Die keuze maakt hem tot de man die hij later zal zijn. Johannes Hartl van het Duitse Eden Kultur is overigens ook bezig met de karaktervorming van mannen via ‘Modern Gentlemen’.
Veel van wat hier staat geldt evengoed voor vrouwen. Maar ik schrijf dit in de context van mannelijke verantwoordelijkheid, omdat Christus mannen roept om voor te gaan in dienstbaarheid en niet te wachten tot de omstandigheden gunstig zijn.
Wat kunnen kerken doen
Durf onder ogen te zien dat mannen en vrouwen niet gelijk zijn en leer er opnieuw over praten. Ik denk dat kerken - zeker mainstreamkerken - hier weinig over te zeggen hebben en dat kerken met een traditionele rolverdeling niet goed over de betekenis hiervan kunnen praten. Een deel van een nieuwe generatie jongens heeft dat nodig. Online influencers als Andrew Tate (ze zijn er ook in Nederlandse minder heftige varianten) spreken in een vacuüm. Hij biedt jongens en jongemannen - ook in onze kerken - een antwoord op vragen die we serieus moeten nemen. Vragen als: wat betekent het een man te zijn? Waar ben ik goed voor? Hoe verdien ik respect? Hoe ga ik om met teleurstelling, met falen, met vrouwen die me afwijzen? Daarin is preken over verantwoordelijkheid niet genoeg. We moeten het laten zien. Bijvoorbeeld jeugdleiders moeten daarin iets belichamen. Daarom zijn mannelijke jeugdleiders ook zo belangrijk! Maar het gaat niet alleen om jongeren. Het gaat óók om volwassen christelijke mannen die mannen die knetterhard werken, maar daarmee ook een vorm van luiheid laten zien in hun geestelijke leven en in het innemen van je plek thuis. Ik herken dit zelf als valkuil.
Dat brengt me bij het volgende punt. Geef mannen en vrouwen unieke ruimte om met elkaar te zijn. Jelte, de andere twintiger die ik sprak voor De Leerlingen, zei het volgende over zijn tijd bij kerkclubs waar juist wel ruimte was voor mannen onderling - met ruimte voor stoerheid én voor kwetsbaarheid. Leer wat het is om verantwoordelijkheid te dragen - juist als je jong bent en nog single.
Zorg voor genoeg ‘masculiniteit’ in de taal en waartoe de gemeente wordt gechallenged (hiermee doe ik niets af aan de broodnodige empathische kracht die vrouwen vaak inbrengen). Wat is dat? Ik denk dat het gaat om kennis, en vooral om het uitgedaagd worden. Er wacht een taak op ons, de wereld heeft herstel nodig. Wouter zei het volgende dat me aan het denken zette: mannen haken af bij vrouwelijke taal en vrouwen niet bij mannelijke. Ik weet nog steeds niet wat ik ervan denk, maar het resoneert wel:
Hiërarchie van verantwoordelijkheid
Mijn vader leerde me een hiërarchie om prioriteiten te bepalen. Ik moet er regelmatig aan denken als het juist niet goed gaat. Tijd en aandacht voor God op één, dan je vrouw (of man), dan gezin, dan werk, dan de kerk. Als verantwoordelijkheidsstructuur.
Die vriend van mij, met wie ik in het café zat, zei na mijn telefoongesprekje lachend: mijn vader zou mijn vrouw gebeld hebben: laat hem nou vooral z’n gang gaan in de samenleving.
Tja, andere prioriteiten…
Bijna dagelijks fiets ik langs dit beeld. Het is voor mij een goede reminder.
Alle goeds!
Nelleke, Henk-Jan en Daan



